In-den-Bonten-Roosch.reismee.nl

Storm

Storm

Het is de tweede avond dat we onze trouwfoto's ( meer dan 700) hebben bekeken en een selectie hebben gemaakt. We genieten van iedere foto, er straalt zo veel liefde en plezier vanaf. Wat hebben we een prachtdag gehad! We zijn ook benieuwd naar de foto's die anderen hebben gemaakt en natuurlijk de filmpjes.

"Wow...... De hele camper schud door elkaar!" "Dat wordt een onrustige nacht". De wind staat recht op de zijkant, met een enorme kracht die meer en meer toeneemt. Ook regent het flink. Gelukkig liggen we hoog en droog en we slapen ook als " bonten rozen".
Na een heerlijke douche in de schuddende camper, slaan we nieuw water in, legen de vuilwatertanks en drinken nog een koffie met de eigenaren van de camperplaats. Het gesprek gaat in het dialect van Stramproy, want daar komen zij vandaan.
Het waait nog steeds erg hard, er staat op iedere golf een witte schuimkraag. We vinden het ook fris, dus trui en regenjassen zijn aan.
We rijden van Bredång richting Sileruu over de E18, maar slaan al snel rechtsaf een weggetje in dat niet op onze kaart staat richting Barkerud. Het is afwachten waar we uit gaan komen, maar hier zouden we de meeste kans hebben om een Eland te zien. Het is een smalle geasfalteerde weg, met om de kilometer links of rechts een rijtje brievenbussen op een paal, meestal naast een grindweggetje dat naar enkele huisjes gaat. Na een uur rijden zijn we geen andere weggebruikers tegengekomen of überhaupt mensen, je kan hier echt alleen reizen. Om ons heen weer bossen, met een rotsbodem bedekt met heel lichtgroen rendiermos maar ook andere mossen. Opvallend is dat de bossen veel onderbegroeiing hebben, en het spotten van elanden geen gemakkelijke klus wordt. We zien er dan ook geen.
Wat ons opvalt is dat het zuiden van Zweden overal gelijk is, dichte bossen, graanvelden, rode houten huizen, en af en toe een klein dorpje, grindwegen en heel weinig verkeer, maar wel veel meren en prachtige wolken. In onze reisgids staat dat er wel 11.000 meren in Zweden zijn. We genieten er van, zeker met het wisselende weer, het snel voorbij trekken van wolken, het tevoorschijn komen van de zon, de prachtige op- en ondergaande zon. Dat laatste is iedere morgen en avond een feest, rood gekleurde wolken in allerlei vormen en maten. Zo mooi dat we er foto's van blijven maken.
Als we in Bergerud aankomen, stoppen we en doen wat inkopen w.o. Verse broodjes en chokolade. Van dat laatste hebben ze in de winkels zo veel keus, er gaan weer meerdere plakken mee.
De tocht gaat verder via de 172, maar we rijden op enig moment een grindweg in bij de boerderij Högsbyn aan het meer Råvarpen, we willen de rotstekeningen van de bronstijd zien. Vanaf een kleine parkeerplaats lopen we over een smal paadje door pas gemaaid geurig gras. Door het vele klaver ruikt het zalig. Midden op het paadje liggen op verschillende plekken rotsen met daarop de tekeningen, indertijd gemaakt bij ontmoetingen, ceremonies en rituelen. De ligging is aan het water waardoor de plek goed bereikbaar was. We zien op de rotsen inderdaad afbeeldingen die met rode verf zichtbaar zijn gemaakt. We zien voetafdrukken, schepen, mensfiguren, cirkels. Het meest bijzondere zijn de afbeeldingen waar een figuur een salto achterover maakt. Deze afbeelding schijnt in zuid Europa veel voor te komen. Dus hebben mensen in de bronstijd zo ver kunnen reizen?? Het regent intussen flink, meer een stevige motregen, maar dat hadden we zien aankomen en dus met onze jassen met capuchons blijven we droog.
We slaan opnieuw af, een nog smallere weg in richting HÃ¥verud en Mellerud. Deze weg slingert langs een smalspoorbaantje en gaat heuvel op en heuvel af. Er is zelfs een helling van 21 %!
In Håverud gaan we Zweedse ingeneurskunst uit 1868 bekijken. Het gaat om een 32 meter lange brug " Akvadukt", het leidt het Dalskandkanaal over de rivier Upperudsälven. Daar boven loopt nog een spoorwegbrug en een viaduct. Het Dallandkanaal werd in 1864-1868 gebouwd om ijzererts te vervoeren van de mijnen in Värmland naar de smelterijen in Dalsland. Slecht 10 km van het hele kanaal zijn kunstmatig aangelegd, de rest bestaat uit natuurlijke waterwegen en meren. Het totale kanaal is 254 m. Lang met in totaal een hoogteverschil van 66 meter dat overwonnen wordt met 29 sluizen. Nu is het alleen nog een toeristische attractie en wordt het kanaal bevaren door rondvaartboten of eigen boten.
Het regent nog steeds een beetje en de wind waait hard, maar we stappen dapper de camper uit, jas dicht, capuchon op en lopen maar. Als we over het viaduct lopen, zien we onder ons eerst een spoorbrug, dan het aquaduct, en dan de rivier. Langs de rivier staan de bekende rode huizen. Itt tot andere bezoekers lopen we links de weg over een smal rotsig bospad in. We volgen dit pad steeds verder het bos in, er komen stijle trappen naar beneden en plots staan we aan de rand van een meer. Het pad volgt de rand van het meer en dan zien we het Dalslandkanaal. We kunnen we langs blijven lopen en tot onze verrassing kunnen we zelfs over het Akvadukt lopen, rechts zien we een diep kanaal, links een diepte met onderin een riviertje. We letten goed op waar we lopen, het groen geschilderde staal met klinknagels ( volgens de gegevens 30.000 stuks) is glad. Dan zien we een sluisdeur, en nog een en nog een en nog een. Er liggen hier 4 sluizen na elkaar en er liggen twee plezierjachten geschut in een van de sluizen. Altijd indrukwekkend hoe het water in de sluis eerst stijgt en daarna zakt. Tijdens de sluizentocht met Olga en Maurits was ik daarvan al onder de indruk, overigens een aanrader om eens mee te gaan met "de Viervaargetijden".
Helemaal beneden aangekomen, lopen we een galerie met o.a. Glaskunst binnen. Er is zelfs een glasblazerij aanwezig. Op enkele heel bijzondere stukken na zien we ook weer veel snuisterijen voor de toeristen. We laten het voor wat het is en beginnen aan de klim naar boven, het viaduct ligt helemaal bovenaan. Onder begeleiding van een flinke regenbui, zijn we toch snel weer boven.
We koersen nu naar Strömstad aan de westkust. We rijden via de 166, een weg door ruig gebied, meer rosten, heuvels en dat alles over tweebaanswegen. Frank heeft beide handen aan het stuur nodig want de wind is nog steeds krachtig. Gelukkig helpt onze Kaböter, hij slingert mee in iedere bocht en kijkt door de vooruit over de weg;)
Tegen 18.00 uur komen we aan in Strömstad en gaan meteen dit havenstadje verkennen. We lopen langs vele zeilschepen met klapperende touwen en die op de golven flink heen en weer worden geschud. Er komt een enorm groot veerpont binnen lopen, ws het pond dat naar Noorwegen vaart. Er zijn vele visrestaurants in de haven, mooie oude huizen en kleine straatjes. We gaan heerlijke verse vis eten in het Fisk &Skaldjursrestaurang eten. De gerookte zalm is heerlijk. Blijkbaar wordt de zalm bij de buren gerookt.
De zonsondergang is opnieuw mooi en rood. De wind trekt nog verder aan, gelukkig staat de camper met de neus in de wind. De dakluiken blijven zo heel en ook het schudden van de camper valt mee.

Reacties

{{ reactie.poster_name }}

Reageer

Laat een reactie achter!

De volgende fout is opgetreden
  • {{ error }}
{{ reactieForm.errorMessage }}
Je reactie is opgeslagen!